Een knisperend kampvuur is de beste afsluiter van elke buitendag. Maar wat als dat kampvuur meer wordt dan een bron van gezelligheid? Wat als het je keuken wordt, en je er een uitgebreid feestmaal op kan bereiden?


Na een dag buiten leven wil je goed eten

Zeg nu zelf, wat is er zaliger dan aanschuiven aan een rijk gevulde tafel na een intensieve buitendag… Ten volle genieten na het rotsklimmen, verdwalen in de bossen of een stevige fietstocht.

Tijd om die knorrende magen te vullen met heerlijks dat op het vuur wordt bereid. We nemen je mee in de principes van open vuur koken.

Koken op het kampvuur, de beste plek om verhalen te vertellen en nieuwe avonturen te plannen. ©Josefien Tondeleir

Sprokkelhout

Koken op open vuur begint met de start van een goed kampvuur. Hiervoor bestaan honderden theorieën en manieren (leestip: The Wood Fire Handbook, Vincent Thurkettle).

The wood fire handbook | Vincent Thurkettle | Doe-het-zelf | 9781784726195 | Standaard Boekhandel
A practical guide to all things wood fire, both indoors and out.

Zelf vinden we de Zwitserse methode ideaal, waarbij je start met de grootste blokken droog brandhout onderaan, en zo jenga-gewijs een raster opbouwt. Het kleinste hout en sprokkelhout plaats je bovenaan.

Op deze manier genereer je snel houtskool, en net dat hebben we nodig om op open vuur te koken.

Welk hout gebruik je hiervoor het beste?

Elk type hout is goed maar hou volgende zaken indachtig:

  • Gebruik droog hout (indien beschikbaar).
  • Lokaal hout is het beste hout. Laat het hout voor je kampvuur geen verre transporten maken, zo blijft je voetafdruk beperkt.
  • Harshoudende houtsoorten zoals sparren en dennen geven een vrij wrange rooksmaak aan je eten. Probeer deze te vermijden als je eten wil roken.
  • "Harde" houtsoorten zoals eik en beuk branden langer en geven een consistentere warmte. Omdat je minder hout moet stoken zijn deze dus eenvoudiger om mee te werken dan "lichte" houtsoorten zoals wilg en veel fruitbomen.
  • Gebruik nooit afvalhout van paletten of verbouwingen. Je weet nooit welke verven, vernissen en lijmen hierin verwerkt werden.

Kooktechnieken

Nu je vuur aan de gang is kan je je focussen op het eten bereiden. Daarvoor bestaan er heel veel verschillende technieken die je kan gebruiken. Sommige neigen naar klassiek barbecueën, andere zijn meer cavemen geïnspireerd. We sommen er hier enkele op.

  1. Grillen. Deze kennen we allemaal. Het is de techniek waarbij we een grill boven hete kolen plaatsen en vlees, vis en groenten kunnen garen.
  2. Bakken en stoven in een pan of op een plancha. Ook deze techniek neigt naar klassiek koken, waarbij je een - meestal gietijzeren pan of plaat - boven het vuur zet en daarin je gerecht bereidt.
  3. Dutch oven: een massieve gietijzeren ketel die dienst kan doen als kookpot voor soep en stoofpotjes. Deze kan ook volledig in de kolen gezet worden en zo fungeren als oven voor brood, het poffen van groenten of zelfs het garen van een volledige kip.
  4. Garen in sintels. "Sintels" is het schoon nederlands voor roodgloeiende kooltjes. Schraap ze voorzichtig uit je brandende kampvuur met een tak of schop, en pof hierin rechtstreeks je groenten. Hier komt geen zilverpapier aan te pas: de schil van de groenten beschermt het vruchtvlees en zal het een heerlijke rooksmaak meegeven. Verwijder de geblakerde schil als de groenten gaar zijn.

    Voor de cavemen onder jullie: leg gerust eens een stuk vlees rechtstreeks op de sintels om het volledig dicht te schroeien.
  5. Warm roken. Hierbij gebruiken we de warme rook die het kampvuur geeft om indirect te garen. Low'n slow is hier het codewoord. Denk aan vissen en grotere stukken vlees, maar ook ananas is een topper aan het kampvuur.

    Tip: als je jouw hand zo'n 7 à 10 seconden bij je ingrediënt kan houden heb je een ideale warmte om iets warm te roken.
  6. Koud roken. Als je wel een rooksmaak wilt meegeven, maar je geen warmte wil (denk aan kazen zoals mozzarella, ... maar ook olijfolie, boter, vis en charcuterie) dan kan je koud roken in een rookpot of rookkast met hooi of houtschilfers.
  7. Hangi: de tot de verbeelding sprekende techniek waarbij je je eten onder de grond gaart in een zelfgegraven kuil. Je gebruikt hiervoor de hitte van stenen die je in het kampvuur hebt opgewarmd.

    Afhankelijk van de cultuur krijgt deze techniek andere namen, maar de basis is steeds dezelfde. Reken alleszins op een volledige dag of meer als je een hangi wil bereiden.
Zalm Loimulohi - een Finse manier om vis traag warm te roken. ©Arnaud Gielen

Je creativiteit is je grootste vriend

Het zalige aan open vuur koken is dat je behalve wat tondel (houtwol, was, berkenschors, tonderzwam, ...) en een vonk eigenlijk helemaal niks nodig hebt. Je creativiteit is je grootste vriend om te spelen met ingrediënten en technieken.

Met wat takken heb je al snel een driepikkel bijeen gebonden of bouw je een brug boven je vuur waaraan je allerlei ingrediënten warm kan roken.

En met een stevige platte steen die je opwarmt in het vuur heb je een hete plaat waarop je groenten en vlees kan bakken.

Wil je het jezelf wat eenvoudiger maken?

Dan zijn deze tools ideaal om aan de slag te gaan:

  1. Driepikkel
  2. Gietijzeren plaat
  3. Gietijzeren pan
  4. Dutch oven
Een open vuur opstelling met groenten in de sintels, een driepikkel om warm te roken, en enkele kleine potten voor de sauzen. ©Josefien Tondeleir

Wat maak je dan op dat kampvuur?

Wel, alles dat je ook in je eigen keuken zou maken, maar je voegt één belangrijk ingrediënt toe: de smaak van rook en vuur.

Je kan eindeloos variëren met seizoensgroenten die je poft in het vuur, vers geplukte kruiden, gerookte kazen, gegrilde vis en geschroeid vlees.

We delen hieronder* een van onze favoriete recepten. Wil je meer inspiratie opdoen, ga dan even kijken bij enkele topkoks op open vuur:

Gegrilde padron pepers, afgewerkt met fleur de sel. De perfecte start van een kampvuur. ©Josefien Tondeleir

Algemene tips

  • Voorbereiding is key. Bereid je kampvuurmaaltijd goed voor zodat je bij het vuur kan blijven. Zorg dat je al je ingrediënten verzamelt en een goed mes en een snijplank bij de hand hebt.
  • Durf te experimenteren. Wees niet bang om iets te verbranden of bijzondere smaken te combineren. De belevenis is evenveel waard als de maaltijd zelf.
  • Leave no trace. Bij vuur maken gelden dezelfde regels als bij bivakkeren. Laat geen sporen na van je vuur en doof de laatste vonk.
  • Mag ik vuur maken? Let op met je omgeving en eventuele droogte, je wil geen heidebrand veroorzaken. Hou het veilig: graaf een ondiepe kampvuurkring en leg stenen rond de rand, of gebruik een vuurschaal.

Deze post is alleen voor buitenblijvers

Word ook buitenblijver om deze post te lezen en krijg toegang tot de volledige bibliotheek met posts die alleen voor buitenblijvers zijn.

Word ook buitenblijver Ben je al een buitenblijver? Aanmelden